16 februari 2008

Richard Greaves

Vandaag was Uw laatste kans om de tentoonstelling "Richard Greaves. Anarchitecte" te gaan bekijken in Art en Marge te Brussel.


De tentoonstelling bestaat uit 60 onuitgegeven foto's van Mario Del Curte die een mooi beeld geven van het werk van Richard Greaves. Deze Canadees bouwt huizen en hutten die op het eerste zich onmiddellijk lijken in te storten, maar schijn bedriegt. Hoe scheef ze ook staan, de maker zelf betreedt ze zonder vrees. De twee films: "Richard Greaves. L’anarchitecte." (Philippe Lespinasse, 34 minutes, Ali Baba et les quarante voleurs productions, Bordeaux, 2005) en "Richard Greaves". (Bruno Decharme, 10 minutes, ABCD, Paris, 2005) geven een zeer mooi beeld van hoe de werken eruitzien van buiten en van binnen en ook hoe ze gemaakt werden. Maar vooral de eerste film laat ons de maker zelf zien en dit is uitzonderlijk want Greaves mijdt alle media en wil dat zijn werk voor zichzelf spreekt. Het is ook een opmerkelijke ontmoeting want Greaves blijkt er een speciale levenstheorie op na te houden. Hij heeft het voortdurend over het belang van water. Volgens hem is de aarde een grote regendruppel die zich steeds verder heeft uitgezet. Hij weigert de dood te aanvaarden als het einde omdat de substantie weer onder een andere vorm verder leeft. Op dezelfde manier herwerkt hij alles wat mensen weggooien in zijn bouwwerken. Het recycleren van afval is wat hij op een schitterende manier volbrengt. Hij heeft het niet voor nagels in hout. Hij knoopt alle balken, ramen... samen met nylonkoord. Hij beschouwt zijn huizen als zijn kinderen en vertelt even verder dat eens ze af zijn het niet langer meer zijn bezit is. Hij houdt ervan om ze over te laten aan de sneeuw en aan de spelende kinderen. En ook rond kinderen heeft hij een speciale theorie. Hij beweert dat de urine van kinderen moet onderzocht worden omdat bestanddelen ervan geneeskundige krachten hebben om volwassenen te genezen. Zelf wordt zijn urine en zijn uitwerpselen beïnvloedt door de soort van ontmoetingen die hij heeft met mensen. Soms moet hij na een ontmoeting veel plassen of kakken en een andere keer moet hij soms gedurende dagen niet naar het toilet. De film van Lépinasse wordt besloten met de wijze woorden "l'eau=dieu, pipi=r^eve, caca=cauchemar", waarop Greaves een fuckoff gebaar maakt naar de camera.


Deze tentoonstelling was in samenwerking met het CIVA (Centre International de la Ville et de l’Architecture), maar voor mijn part had men de enkele foto's die daar te zien waren evengoed nog in Art en Marge kunnen plaatsen. Het zou me een lange voettocht hebben bespaard.

Sinds 1989 heeft de Canadese kunstenaar Richard Greaves zich gewijd aan de ontwikkeling van een uitgebreide architecturale omgeving. Die zet hij op in een bos in de Beauce-streek in Quebec (Canada), op een stuk van land dat hij in de jaren '80 samen met vrienden kocht, en waar hij nu woont en werkt. Het werk, dat in ononderbroken uitbreiding is, bestaat uit een reeks beeldhouwwerken die hij opbouwt met allerlei voorwerpen die hij van de schroothoop heeft gehaald, en ook een serie gebouwen (of koterijen) opgebouwd met materiaal van afgebroken schuren. Zijn gebouwen zijn asymmetrisch en wars van rechte hoeken; ze schijnen elk moment in mekaar te kunnen storten. Toch blijven zijn 'anarchitecturale' creaties overeind, als hoeven ze zich niets aan te trekken van de wetten van de zwaartekracht en van de fysica. (bron: www.quartierephemere.org).

12 februari 2008

Vernacular Visionaries


Bij De Slegte binnenstappen en weer buitengaan zonder een boek is eerder zeldzaam maar vorige week zag ik op een schap met daarboven de titel aanraders een boek dat volledig overeenstemde met de benaming: namelijk "Vernacular visionaries; International outsider art".
Het verscheen ter gelegenheid van een tentoonstelling in het Museum of International Folk Art in Santa Fe van oktober 2003 tot augustus 2004. In dit boek ondermeer een tekst van Randall Morris over Martin Ramirez. Er is ook veel aandacht voor de Rock Garden van Nek Chand, Anna Zemankova, Carlo Zinnelli e.a.

Een bespreking van dit boek kan U alvast hier lezen.

14 december 2007

Eileen Doman

Haar werk spreekt me nog steeds aan omwille van de kwetsbaarheid waarmee de personages zijn geschilderd. Dat ze steeds even uit balans lijken te zijn is het handelsmerk van Eileen Doman geworden. Een tijd geleden had ik een interview met haar.

"The only thing that give me a sense of purpose is to paint. It is a gift from god and also a curse"

You use photographs of your family as an inspiration. Your family must be very important to you. Who do you consider to be your family? Where did you grow up? What did you study? You mentioned the south, what village or city? Did you grow up with your grandmother? (is Ida your grandmother?) She was very poor, can you tell me something more about this? I grew up in Chicago, have a small family and close to my parents, I have one sister I don't speak to. My highest level of education is high school and finished High school in a chicago suburb. My mother (Lillian) is from Owensboro, Kentucky, her family the subject of most of my work, there are many many photographs. Her mother Ida Gray, my grandmother, I look up to as I stated because of her strength. I know I spent a year with her when i was born since my parents were not financially able to care for me properly. My mother was a young mom, age 16 when I was born, when met my father in her home town of Kentucky when he was stationed there in the army. She was looking for a way out I feel, but they are very much in love. My grandmother was very strict and had a mean side to her, but for some reason favored me among the grand children, I have always admired and respected her. She worked hard ironing for income and doing laundry by hand...got food for her children from a local grade school. Her husband, my grandfather (wilfred Gray) was an alcoholic and he left her to raise the four children. My grandmother died in the late seventies, but the photos of hard life live on and tell a story of hardship and often times humor, happy and sad.Do you still live in poverty and do you think money has an influence on your creativity? I am currently separated from my husband who is an alcoholic and I struggle in a big way trying to survive on my artwork. I hate thinking about money when I paint. It is always there something cut off gas, phone or electric.

Do you work slow? I mean how many paintings do you create in a year? How many paintings did you make since 1993? In the beginning was more obsessive and worked day and night like a mission and would do one every two days. I had something inside that needed to come out. Now, I paint a little less obsessively and do a painting a week, I feel better that way emotionally. I am sure I have done at least 500 paintings or more since 1993. i quit painting for a couple of years (1995-1997) due to getting taken advantage of by dealers and agents, I was naieve in the beginning and trusted everyone around me and realized they were not my friends and were interested in greed and not so much the well being of me as an artist.

You began painting more than ten years ago and you speak of an irresistible urge, did this urge come just one day or did it grow gradually? I mean what do you consider to be the starting point? Was it meeting someone? I have loved art since a girl in high school and have always wanted to paint. I did not want to go to art school, I felt it too confining and restricted. I saw so much in van gogh and also the dutch painters that I felt it in my veins and wanted to do so very badly. I forgot about it over the years and after marriage and a daughter it slowly crept into my psyche. I have a painting I did when I was 19 or so, It was the modigliani influence as you will see. I was also very much into the german expressionists, I love otto dix and egon schiele and read as much as I could about the dadaists, I have always felt radical about art and love shock value.

Do you paint the whole day long, the whole week? When I am painting I paint a few hours a day like 4-5 and at night for a couple of hours and this is everyday of the week. I can be awake at night thinking about a painting and problems I incur in the process. I sometimes refer to the old masters for reference when i need ideas on color and form. Like van gogh and even matisse. I have a library of art books of many artists I enjoy.

What materials do you use ? easel, acrylic paint and ready made canvasDo you paint at home, in a studio? In New York? Do you live in New York? I live in a suburb of chicago and will be moving to chicago soon if I can find a place to live, its very hard since I have no reliable income or work history and very bad credit. I paint at my kitchen table mostly on a flat surface and if I am doing a larger piece i use the easel.

Can you tell the story about being discovered on a street corner in chicago? I did an outdoor show at the urging of an art league I had joined in 93. A flight attendant named kim carlson saw my work and went crazy, she asked if I knew that my work was a type being sought after all over the world. Of course I knew nothing, she purchased one for 150.00 and promised to plug me into a gallery and help me get started, that lead to ricco/maresca in ny who did my solo show. She was pivotal in my start but she made me sigh a contract with her and the dealer and I ended up making less money than anyone else in the situation. I was so hurt I quit painting. We are still friends she now has 27 of my paintings and still feels very much a part of my career, but I like doing everything myself.

Isn't it difficult to sell a painting? I mean don't you miss it when it is gone?
Yes, at times there a few i wish i had a few right now, since I have improved immensely since I first started.Modigliani and van gogh are an inspiration.

Is it your ambition to become famous or do you consider yourself as an outsider? What do you think about being labeled as an outsider? I don't care....I just want my work shown and my goal as was in the beginning is to move people intellectually/emotionally and give cause for one to think. That is most important to me above all. I want to contribute something to the world and know my efforts in life are not in vein, this gives me purpose and the only thing that give me a sense of purpose is to paint. It is a gift from god and also a curse. To live in a material world feeling so much spiritually and trying to survive so many obstacles of materialism.

I especially like "coming home from new york", "the train", Lilian and harris (part one and two) and "death of the spirit" What's the story behind these paintings? "Coming from New York" is my father coming home from his first trip to New York for one of my art shows. He was exhausted and stated he will never go again. " Death of the Spirit" is Ida, I painted that when i was so disapointed in the dealer situation in the beginning and felt my spirit died, that is when I quit painting.

What did you learn at the Art Institute of Chicago?
I discovered such beauty and life there. It was who I was/am I found so much fulfillment and still do.

Who is the Mrs gray in your painting? and who are Sina and Ida? Mrs. Gray is Ida my grandmother, Sina her oldest daughter, my mother's sister. Sherman is the only son and Beverly the youngest.

Is it very important to you being a part of the annual art fair in new york? You made a beautiful painting of yourself in front of the puckbuilding. (picture is above this interview) Yes, I feel ny is the mecca of culture in this country and an artists playground. I have become disallusioned though over the years and find that so many artists get taken advantage of for purposes of greed, it makes me sick.I have no problem telling anyone about me and what i feel, I hope to help other artists like myself who struggle.

Ik groeide op in Chicago. Ik heb één zuster waarmee ik geen contact meer heb. Ik heb een zeer nauwe band met mijn ouders. Ik liep school in een voorstad van Chicago en behaalde mijn diploma van highschool. Mijn moeder Lilian is afkomstig van Owensbury, Kentucky. Van haar familie, onderwerp van het grootste deel van mijn werk, bestaan heel veel foto's. De moeder van mijn moeder, Ida Gray is een vrouw waar ik erg naar opkijk omwille van haar kracht. Ik weet dat ik bij mijn geboorte een jaar bij haar verbleef omdat mijn ouders financieel niet voor mij konden zorgen. Mijn moeder was pas 18 bij mijn geboorte. Zij ontmoette mijn vader in Kentucky toen hij daar zijn legerdienst deed. Ik denk dat ze weg wou van thuis, maar mijn ouders zien elkaar wel heel graag. Mijn grootmoeder was nogal streng en had een gemeen trekje, maar om één of andere reden was ik haar lieveling van alle kleinkinderen. Ik heb haar steeds bewonderd en gerespecteerd. Ze werkte hard, deed de was en de strijk van anderen om geld binnen te brengen. Haar man, Wilfred Gray, was een alcoholist en hij liet het opvoeden van hun vier kinderen aan haar over. Mijn grootmoeder overleed aan het eind van de jaren 70, maar de foto's van het harde leven zijn getuige van trieste, gelukkige en ook momenten met veel humor. Op dit moment leef ik gescheiden van mijn man, een alcoholist en ik vecht om te overleven door mijn kunstwerken. Ik haat het om aan geld te denken terwijl ik aan het schilderen ben. Maar ik kan niet anders, je hebt het nodig om de elektriciteit te betalen, de telefoon, de gasrekening... Het is financieel zeer moeilijk omdat ik geen vast inkomen heb en niet geloofwaardig ben om krediet te krijgen. Ik hield al van kunst sedert de middelbare school. Ik wou niet naar de kunstschool omdat ik me daar ingeperkt en opgesloten voelde. Ik hield zoveel van Van Gogh en ook de Nederlandse schilders dat ik het ook wou proberen. Gedurende de volgende jaren vergat ik het schilderen. Na mijn huwelijk en de geboorte van mijn dochter stak het terug de kop op. Ik heb een schilderij dat ik maakte toen ik 19 jaar was. Zoals je ziet zijn er veel invloeden van Modigliani terug te vinden. Ik was ook verzot op de Duitse expressionisten. Ik hou van Otto Dix en Egon Schiele en ik las zoveel ik kon over de dadaïsten. Ik dacht over kunst steeds in radicale termen en ik hou van het onthutsende in de kunst. Ik schilder per dag een vier à vijf uren en dit gedurende iedere dag van de week. Soms lig ik 's nachts wakker en denk na over de problemen die ik ondervind bij het schilderen van een werk. Ik ga soms op zoek bij de oude meesters voor inspiratie over kleur en vorm. Ik heb een bibliotheek met daarin nogal wat boeken van kunstenaars die ik graag zie. Ik schilder met acrylicverf op doek. Ik woon in een voorstad van Chicago en als ik een woning vind dan ben ik van plan om snel naar Chicago zelf te verhuizen. Ik schilder aan mijn keukentafel en met een groter werk gebruik ik een schildersezel. Ik werd ontdekt als kunstenares toen ik voro een kunstgroepering een tentoonstelling deed in 1993. Een bediende van een luchtvaartmaatschappij, Kim Carlson, zag mijn werk en zij ging uit haar dak. Ze vroeg mij of ik wist dat mijn soort van werk door de hele wereld gezocht werd.natuurlijk wist ik niets van dit alles. Ze kocht een doek voor 150 dollar en ze beloofde me in een galerij te krijgen om me te helpen bij de start. Dat was dan Ricco/Maresca in New York en daar kreeg ik mijn eerste solo-tentoonstelling. Zij was een keerpunt voor mijn carrière maar ze deeed me een contract tekenen met haar en de verdeler waardoor ik weinig verdiende. Ik was zo gekwetst hierdoor dat ik ophield met schilderen. We zijn nog steeds vrienden en zij heeft 27 van mijn schilderijen en ze voelt zich nog steeds zeer betrokken bij mijn carrière, maar ik doe nu alles zelf en geef niets meer uit handen. het is mijn bedoeling om met mijn werk mensen intellectueel en emotioneel te raken. Dat is het belangrijkste. Ik wil een bijdrage leveren aan de wereld rondom mij, dat geeft me een doel in mijn leven. Het enige wat zin geeft aan mijn leven is schilderen. Het is een gave en een vervloeking om in een materiële wereld te leven en zoveel de dingen spiritueel te beleven en te proberen zovele materialistische hindernissen te overwinnen. Op het schilderij "coming from New York" staat mijn vader afgebeeld op weg naar huis na zijn eerste uitstap naar New York voor één van mijn tentoonstellingen. Hij was doodop en vertelde dat hij het nooit meer opnieuw zou doen. "Death of the spirit" daarop staat Ida (grootmoeder) Ik schilderde dit na die ontgoocheling met de verdeler.Ik had toen het gevoel dat mijn geest het begaf en ik stopte met schilderen. De andere namen in mijn schilderijen zijn Mrs Gray, de achternaam van mijn grootmoeder en verder ook Sina, haar oudste dochter (dus ook een zus van mijn moeder). Beverly is de jongste dochter van mijn grootmoeder en Sherman is de enige zoon van mijn grootmoeder. Ik neem nu reeds vele jaren deel aan de outsider art fair in New York (in het Puckgebouw) dat is belangrijk voor mij. New York is echt het middelpunt van de cultuur in dit land en een speelplaats voor kunstenaars. Toch ben ik doorheen de jaren zwaar ontgoocheld geraakt, zoveel kunstenaars worden vanuit hebzucht opgelicht. Ik word er misselijk van... Ik hoop dat ik door over mezelf te vertellen andere kunstenaars die evenzeer vechten om te overleven kan helpen.

13 december 2007

Shepard Fairey

Toen ik deze week mijn wagen in de ondergronds aan het Zuid in Gent parkeerde liep ik het het stripwinkeltje Epic in de Schouwburgstraat binnen. Ik kwam buiten met een Juxtapoz in mijn handen.

Juxtapoz moet het volgens mij van zijn covers hebben en deze keer sprak het werk van Shepard Fairey mij heel erg aan. De Zeppelin met daarop "War is over" boven de gedeeltelijk verwoeste stad lijkt op het eerste zicht een reclame om in een glossy tijdschrift te laten verschijnen. De reclameboodschap van Fairey is er steeds één van sociale betrokkenheid. Mij spreekt vooral de collage-achtige indruk aan. Je kan dit geen outsider art noemen, daarvoor is het teveel design. De 37-jarige Fairey verkoopt iedere dinsdag een nieuwe gehandtekende print van 350 exemplaren op de Obey Giant website. Die is waarschijnlijk binnen de 24 uur uitverkocht. Sommigen noemen hem de vader van de moderne "streetart". Anderen hebben dan weer heel veel kritiek op de manier waarop hij deze streetart recupereert als "door de bourgeoisie gesponsorde rebellie". Hij komt inderdaad uit de middenklasse, maar gaf als 14-jarige tennis en voetbal op voor het skateboard en punkrock. Hij verzette zich tegen hyperintellectuele van de kunstschool en ontwierp uit de foto van een krant een sticker met daarop "André the Giant has a posse". Deze verscheen overal in het straatbeeld en de mensen interpreteerden op allerlei manieren dit oorspronkelijk zonder betekenis bedoeld beeld. Dat was voor hem de start.

10 december 2007

kijkdozen

In 2005 kon je in het Guislainmuseum kijken naar "Verborgen Werelden", met ondermeer bekende kunstenaars als Darger, Cosijns en Van Lankveld. Wat mij echter het meeste bijbleef waren de kijkdozen van Ronan-Jim Sévellec.



De zolder van het Guislainmuseum is niet meteen mijn favoriete plaats. De ruime zalen beneden zorgen ervoor dat het tentoongestelde ademruimte krijgt. Helemaal boven voel je je door het lage plafond eerder beklemd. Bij "Verborgen Werelden" voelde ik me hier echter als een kind dat zich losmaakt uit de handen van de ouders die een pas verlaten groot burgerhuis binnen zijn gegaan om de inboedel op te kopen en dan na een lange trap oog in oog komt te staan met wat het zelf een schat meent te zijn. Ik heb hier dan ook heel veel tijd doorgebracht. Half bukkend, kijkend en nog eens kijkend. En toen de tentoonstelling afgelopen was overviel me een gemis, alsof deze oude en ondertussen zeer geliefde zolder nu voorgoed voor mij was afgesloten.


Op deze zolder kwamen de vele kijkdozen van Ronan-Jim Sevellec heel erg tot hun recht. De miniatuurwerelden konden in deze ruimte enkel aan omvang winnen zonder erin verloren te gaan. De ietwat vervallen beenhouwerijen, wintertuinen, bibliotheken voerden onze blik weemoedig langs de vele details. Alles werd minutieus uitgewerkt. Er zijn geen menselijke figuren afgebeeld maar de menselijke aanwezigheid blijkt sterker dan ooit uit alles wat hij hiernet achterliet. Er is geen deur waarlangs we kunnen binnenkomen. Het is alsof we met onze ogen hebben ingebroken en we onbeschaamd rondkijken. We hebben het gevoel dat er ieder moment iemand zal binnenkomen en ons kijkend zal betrappen. Er valt licht binnen via verlichting van binnenuit het interieur of via een lichtbron opgesteld achter een raam binnenin. Soms lijkt het alsof er in de tentoongestelde plaats een brand heeft gewoed die de muren en ook de voorwerpen een geblakerde kleur heeft gegeven.
De dozen zijn allerminst Barbiehuizen. Ze zijn allerminst bedoeld om mee te spelen. Er is herkenning maar ook verrassing omdat ze je binnenvoeren in een wereld waar de mens anders leeft dan in de realiteit om ons heen.

4 december 2007

De genezingsmachine van Emery Blagdon

In de Cavin-Morris galerij in New york loopt nog tot 12 januari 2008 een tentoonstelling met "werk" van Emery Blagdon.

Van de jaren 50 tot vroeg in de jaren 80 van de vorige eeuw bevond zich op de Zandbergen van Nebraska een hut die volgestouwd was met materiaal dat ontwerpen was door Emery Blagdon. Het materiaal moest dienen om de zieke mensen van de wereld te genezen, dit door middel van het kanaliseren van de krachtige electromagnetische energie uit de aarde. Het grootste deel van de honderden stukken kwam terecht in het John Michael Kohler Arts Center in Sheboygan, Wisconsin en dat is momenteel ook te zien in de tentoonstelling over outsider-omgevingen: "Sublime Spaces and Visionary Worlds". Een aantal van de stukken kwam terecht bij de Cavin-Morris galerij. De huidige tentoonstelling daar bevat een 40-tal schilderijen en constructies.
Emery werd geboren op 25 juli 1907. Hij was de oudste van zes. Hij ging naar een plattelandsschooltje en werkte op de familieboerederij. Op zijn 48-ste begint hij te schilderen en constructies te ontwerpen in zijn tuinhuis. Hij zou dat nog 30 jaar aan een stuk blijven doen. Emery heeft nooit een artistieke opleiding gehad. Zijn werk is opgebouwd van koperdraad, aluminiumfolie, glas, hout, plastic enz. Hij werkte tijdens de winter in zijn huis en in de zomer monteerde hij alles dan in zijn tuinhuis. Hij geloofde dat de opstelling die hij maakte er kon voor zorgen dat zieke mensen terug gezond werden. Blagdon overlijdt in 1986. Twee mensen zorgen voor de nalatenschap. Dan Dryden die in contact kwam met Blogdon toen hij bij hem in zijn apotheek binnenkwam met de vraag of hij materiaal had voor hem. Dryden was geïnteresseerd en ging op bezoek bij Blogdon. Sinds dat bezoek is Dryden een voorvechter om het behoud van het werk van Blogdon en wil hij het werk reconstrueren zoals het was opgesteld in het tuinhuis. Samen met zijn klasgenoot Christensen is hij gedurende 18 jaar bezig geweest om het materiaal te catalogiseren en het onder te brengen in een museum.

Adolf Wölfli: het vocabularium

Adolf Wölfli is de meeste bekende outsider-kunstenaar. Als je zijn tekeningen bekijkt dan word je overdonderd door het aantal lijnen, vogeltjes, notenbalken, gezichtjes...

Het werk van Wölfli bestaat uit een aantal bouwstenen, die in de loop der jaren verschenen en vaak ook weer verdwenen. Het is alsof hij een aantal blokken maakte en die dan steeds weer bij nieuwe tekeningen in andere verbanden bij elkaar bracht. De eindeloze mogelijkheden wou hij dan ook allemaal neerzetten en vastleggen. Hij tekende vrijwel onophoudelijk. Een doos met kleurpotloden geraakte na een aantal weken helemaal opgebruikt. Daniel Baumann en zijn mensen blijven het werk van Wölfli grondig bestuderen. Hier kan U meer lezen over het werk dat ze reeds hebben verricht. Bijzonder interessant is de pagina met het vocabularium van Wölfli.

29 november 2007

Donna Balma

Reconciliation heet het boek dat uit twee delen bestaat. In het eerste deel beschrijft Donna Balma vrij gedetailleerd haar leven. Het tweede deel biedt een kijk op haar zeer gevariëerde werk.

Ze is geboren in 1934 in Victoria, British Columbia aan de oostkust van Canada en ze is afkomstig uit een arbeidersgezin. Haar moeder overleed toen Donna nog erg jong was. Kort nadien verdwijnen haar grootmoeder en ook haar zus uit haar leven. Voor het kind blijven dit traumatische ervaringen. Donna schrijft op het eind van dit levensverhaal: "That's how I've always thought of my life's work: to undo what I can to be myself - not my dead mother." Als ze 20 is gaat ze naar de kunstschool. Dit was het meest verstandige wat ze toen dan toe gedaan had volgens haarzelf. Ze vertrekt naar Mexico om haar geliefde op te zoeken en ze werkt als model om aan geld te komen. Haar twee dochters worden opgevoed in kunstenaarscolonies in Engeland en Noord-Amerika.
Je kan haar werk niet onder één noemer vatten. Mijn persoonlijke voorkeur gaat vooral uit naar de "Beloved"-reeks uit 2004. Opstaande rechthoekige schilderijen waarin telkens twee personen als geliefde bij elkaar worden gebracht.

"Reconciliation" het boek van en over Donna Balma en haar werk is te verkrijgen via haar website